De kunst van het straatvoetbal

Precies twee jaar na mijn eerste bezoek zette ik deze week weer voet aan wal op Surinaamse bodem.
In die twee jaar zijn een aantal dingen veranderd. Twee jaar geleden was ik nog een student die de straatjes in Paramaribo afstruinde op zoek naar voetbalveldjes om participerende observaties te verrichten. Nu ben ik een consultant voor een Nederlandse Sport for Development organisatie en houd ik me bezig met de invulling van een Sport, Culture en Development programma in Suriname.

Veel dingen zijn echter ook nog hetzelfde. Twee jaar geleden verliet ik Suriname (weliswaar in de business class) met een gescheurde enkelband door een overdosis straatvoetbal. Nu vlieg ik Suriname binnen met wederom een kapotte enkel. Dit keer is niet de overdosis straatvoetbal, maar een te grote portie ‘kick and rush’ voetbal de schuldige en zat het geluk van de business class er helaas ook niet in.

Suriname zelf riep voor mij vooral erg veel nostalgische gevoelens op. Helemaal nadat ik gisteren de voor mij heilige grond betrad van het zaaltje waar ik mijn mooiste (op camera vastgelegde) doelpunt ooit heb gemaakt. In de samenstelling van het team was ook nauwelijks wat veranderd. Wel waren er hier en daar wat extra kilo’s bijgekomen. Een niet geheel onverwacht resultaat van het jaar in jaar uit leven op Djogo’s, mierzoete vruchtensapjes en gefrituurde kip.

Nu ik hier weer even terug ben vroeg ik me opeens af waarom ik drie maanden van mijn leven gewijd heb aan het onderzoek doen naar straatvoetbal. Waar komt die fascinatie vandaan en wat vind ik er eigenlijk zo mooi aan …? De kern van het antwoord zit hem denk ik in het gesprek dat ik twee jaar eerder met Furgell Pinas heb. Op zijn 12e is Pinas nog uitgeroepen tot het grootste voetbaltalent van Suriname. Toch besluit hij vervolgens het veldvoetbal links te laten liggen om zich volledig te focussen op het straatvoetbal. Als ik hem vraag waarom hij straatvoetbal nu zo mooi vindt, geeft hij mij het volgende antwoord:

“Laat me het vergelijken met een zangvogel. Ik ben een goeie zangvogel, maar ik kan niet op een tak fluiten, want ik zit vast in een kooi. Maar als ik op straat voetbal speel … Ja, dan ben ik vrij. Niemand heeft je wat te zeggen daar. Je doet wat je wilt. Je hebt plezier. Het is echt alles …”  

Tja, nu weet ik het weer, want wie is er op zijn 25e nu niet op zoek naar dit ultieme gevoel van vrijheid …

Advertisements

2 comments

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s